Spelen op Lombok - 3 Afdrukken E-mailadres

Kattekwaad als spelvariant.

KattekwaadDe meest gezellige spelletje, zoals deze gespeeld werden op Lombok in de jaren 40, verliepen bijna altijd zonder veel ruzie en waren gezellig. Maar het onvermijdelijke was ook, dat met het opgroeien ook de zin in wat baldadigheid toenam. Uiteindelijk moest je je energie toch ergens in kwijt. Helaas heb ik nooit gezien dat een meisje aan pesterijen deel nam. En zij lieten je zonodig gewoon links liggen. Zij mochten vaak ook niet zolang buiten blijven als wij en zeker niet als het wat vroeger donker werd.

De pesterijtjes waren allemaal onschuldig van aard, maar voor de slachtoffer natuurlijk soms wel vervelend. Maar ja, sommigen vroegen er gewoon om.
Onderstaande "rotstreken" werden in hoofdzaak uitgevoerd door een klein groepje jongens met soms daarbij een kleine schare aan toeschouwers.

Een aardig pesterijtje was het geven van een nep pak slaag. Hierbij ging een van je vriendjes op de grong liggen, een ander ging boven op hem zitten en begon hem zogenaamd te slaan. Dit ging uiteraard gepaard met veel geschreeuw van het slachtoffer en aanmoedigingen door je andere vriendjes en de omstanders. Door dit lawaai kwamen dan een of meerdere buurtbewoners aan het raam kijken of kwamen zelfs naar buiten om de vechtenden van elkaar te scheiden. Op dat moment werd het echt tijd om op te springen en samen als goede vrienden arm in arm weg te lopen. Soms moest je werkelijk rennen voor je leven, of liep het goed mis waardoor je een flinke (echte) mep in ontvangst moest nemen.

Een ander leuk pesterijtje, dat je niet al te vaak kon spelen en vooral in schemertijd het hoogste effect had, was het "Ruitje tikken".
Dit was minder riskant omdat je op afstand kon blijven, want je liet een knoop aan een touwtje tegen een ruit tikken. Hooguit verspeelde je het materiaal, maar je had dan wel genoten van de schaapachtige gezichten achter de ruiten als men helemaal niets of niemand zag.

Portiek LombokDe diverse bellerijtjes waren altijd goed om je gram te halen bij buurtgenoten die lastig waren als jij aan het spelen was. Woonde het "slachtoffer" in een dubbele portiek, dan was de volgende variatie bijna altijd geslaagd.
Beide deurkoppen werden met touw losjes aan elkaar verbonden en vervolgens werd aan de twee bellen getrokken (er waren toen bijna geen electrische bellen). Werd nu een van de deuren geopend en even later ook de ander, dan trok men elkanders deur dicht met een rotklap. Dit geintje was het leukst als beide buren ongeveer gelijktijdig de deuren open deden.
Later, bij vervanging van de mechanische trekbel door een electrische drukbel, was deze grap over. Je kon een electrische bel namelijk niet meer ongezien op afstand (met een touwtje) bedienen. Een variant was dan om onder de bel een briefje te hangen met het opschrift "Gelieve meerdere keren hard te bellen in verband met doofheid" of "Meerdere keren bellen s.v.p. Ik ben op zolder (of in de tuin ). Dank U".

Later werden de grappen aangepast aan de tijd. Zo had ik samen met mijn vriend Theo de volgende grap bedacht.
Achter op de bagagedrager van een fiets hadden we een klein zinken teiltje geplaatst dat was gevuld met zout water. Op de bodem lag een duppie (een kwertje hadden we niet).
Nu mocht men proberen de munt met de hand uit het water te halen. Met de ander hand moest dan de bagagedrager van de fiets vastgehouden worden, zogenaamd om het teiltje in evenwicht te houden. Kleinigheidje toch? De truuk was echter dat achter de boom, waartegen de fiets stond, een klein electriseermachientje in verbinding stond met de bagagedrager en het geisoleerd opgestelde teiltje met het zoute water. Door het draaien aan het machientje kreeg men, zodra de hand in het water werd gestoken, een paar flinke schokken. En wij kregen dan natuurlijk een aantal scheldwoorden naar ons hoofd geslingerd.

BlaaspijpOok zagen wij kans om, in de tijd dat de blaaspijp weer werd gebruikt, menige kamer via een openstaand raam te bezaaien met vlierbesen of papieren pijltjes. Vaak werden we tot de orde geroepen, maar nooit kwam het verder dan een berisping of een waarschuwing. Men kon in die tijd veel meer hebben van de baldadige jeugd en omgekeerd waren wij ook niet te beroerd om de hand uit de mouw te steken als dat werd gevraagd.
Later bevestigden wij pickup-naaldjes op de punt van de papieren pijltjes en schoten dat op oude deuren of schuttingen (voorloper van het dartspel!).

Een andere bezigheid was te proberen om vanaf de Oranjebrug rotte appels, peren of soms zelfs stenen te laten vallen in de schoorsteen van een passerende stoomlocomotief. De machinist, die de jongens op de brug zag hangen, trok voor het passeren aan de fluit en liet een grote stoomwolk vrij, waardoor de trein aan het zicht werd onttrokken. Een zeer gevaarlijk spelletje waarvan wij de gevaren natuurlijk niet zagen.

Een volgende streek grensde aan vernielzucht, maar was in onze ogen wel altijd geslaagd.
Een aantal fietsen in die tijd waren voorzien van sturen die bekleed waren met celluloïd, om roesten te voorkomen. Of dit materiaal werd gebruikt als jasbeschermer. Het had de eigenschap goed breekbaar en zeer brandbaar te zijn. Het kon eenvoudig met een mesje van het stuur gehaald worden. Een flink aantal stukjes werd fijn gebroken en in een luciferdoosje gedaan. Het werd aangestoken, maar direct weer uitgeblazen. Het doosje werd dicht geschoven en in een brievenbus gegooid. Onmiddellijk begon het celluloid ongelooflijk sterk te roken en te stinken. Op dat moment werd het tijd om eens flink aan de bel te trekken en "Brand!!" te roepen door de brievenbus. Maar daarna moest je ook weg wezen.
Het op een fiets aansteken gaf een minder leuk effect. Achteraf bezien waren we toch wel schuldig.

Anekdote 1
Op een avond zaten een stel opgeschoten knapen op de stoep in een portiek muziek te maken. Ze waren wat luidruchtig en werden door een van de bovenburen gevraagd om wat rustiger te zijn. Maar dat hielp maar even.
Na een korte tijd kwam de buurvrouw naar beneden, liep op de jongens toe en vroeg om een dubbeltje om de politie te bellen. Een van jongens gaf haar dat.
Vervolgens vroeg zij naar het telefoonnummer van de politie, dat was 22222. Een van de jongen zei tegen haar "U kunt beter 5 x 1 bellen". "Waarom 5 x 1", vroeg de vrouw verbaasd. "Nou, dan krijgt U kleine agentjes".

Anekdote 2
BakkersfietsHet was hartje zomer en erg warm. De bakker op de hoek gaf zijn knecht een spoedopdracht om enkele dozen gebak met de bakfiets weg te brengen. De knecht deed de dozen in de rieten bak, greep de fiets bij het stuur en rende het plaatsje af. Hij nam een zogenaamde slagerssprong en.... bleef met zijn gestreepte bakkersbroek achter het zadel haken. De broek begaf het natuurlijk en de knecht stond letterlijk in zijn hemd.
Het toeval wilde dat op de stoep een aantal vrouwen stonden te praten. Het werd even stil in de groep, men was verbaasd, dit hadden ze nog nooit gezien en onder een daverend applaus droop de knecht af. Het gebak dat niet meer overgespoten kon worden hebben wij als bovenbuur later op de avond van de huurbaas gekregen.

Anekdote 3
We blijven even in de bakkerswereld. De bakker die vrijgezel was liet zo af en toe een vrouwelijke buurtgenoot zijn slaapkamer zien, waarin hij, een voor die tijd heel moderne hoogtezon boven het bed had laten aanbrengen.
Op een zekere dag werden de bakker en zijn visite plotseling wakker; de slaap had hen overmand. Tot zover een niet al te groot probleem, ware het niet dat op de borst van zijn bezoekster een rode afdruk van een hand was achter gebleven. Letterlijk en figuurlijk kwamen ze met de schrik vrij. De afloop aan de andere zijde is mij niet bekend.

Anekdote 4
AutobandDat de jeugd baldadig kan zijn is wel bekend, maar dat dit kan leiden tot een merkwaardig gebeuren, komt niet zo vaak voor.
Op de Wilhelminastraat stonden een aantal jongens bijeen. Ze stonden zich te vervelen, totdat er een op het idee kwam om met een autoband (uit de garage onderaan de straat) de bult af te rollen.
Een zekere Jan (ik dacht dat zijn achternaam Van Ooijen was) stapte in de band en de anderen lieten de band rollen. De bedoeling was, dat de band zou stoppen vóór de ingang van de bajes. Dit ging geweldig mis, de band bleef rollen, het kruispunt over en verder. Uiteindelijk rolde de band tegen de stoeprand, sloeg een paar keer om en bleef uiteindelijk stil liggen. Na enkele seconden kroop Jantje uit de band en stond beduusd op. Hij was flink duizelig geworden en had, wonder boven wonder, slechts lichte schrammen. Hij zag toch maar af van een tweede rit...

 
 

Lombokse Plaatjes

Bestrijd spam klik hier

Deze website heeft cookies nodig om goed te kunnen functioneren en om je bezoek zo aangenaam mogelijk te maken. Om je te kunnen aanmelden zijn een tweetal cookies nu al geplaatst; deze bevatten geen persoonlijke informatie. Als je doorgaat met je bezoek aan deze site, kunnen er andere cookies geplaatst worden. Om cookies te verwijderen en uit te schakelen, zie de handleiding van je browser. Voor meer informatie over de cookies die we gebruiken en over hoe wij met persoonsgegevens omgaan, lees onze Privacyverklaring.

Verwijder deze mededeling door cookies van deze site te accepteren.