De lange arm van de politie Afdrukken E-mailadres

De lange arm van de politie
(door Ben Siebenheller)

KatapultIn een van mijn eerdere verhalen heb ik iets verteld over het bezit van een katapult (wij zeiden altijd "kattepult"). Elke straatboef bezat zo'n schiettuig in welke vorm dan ook. In principe waren er twee modelen, de ene was gesneden uit een beuke- of wilgentak van pinkdikte en een Y vorm had. De andere was gemaakt van een dun masief draadijzer of gedraaid dunner ijzerdraad van voldoende stevigheid.

Doordat de poten van de Y dicht bij elkaar stonden, kon je met de houten versie zuiverder schieten. Maar met de ijzeren versie kwam je verder doordat de poten breed uiteen stonden. Deze ijzeren versie was in een bepaalde winkel onder de toonbank te koop, maar had het nadeel dat je hem niet zo gemakkelijk kon wegmoffelen. Tussen de poten werden twee stukken elastiek bevestigd, met aan de andere uiteinden een stukje leer om de patronen vast te houden. Als projectiel gebruikte je grote ronde stenen, ter grootte van een knikker: glazen knikkers of hard gebakken kleiers van dezelfde afmeting. Maar ook met ander materiaal dat op straat lag kon je reuze leuk schieten. Het was dan ook prettige dat er zo af en toe een paard door de straat liep. Afhankelijk van het jaargetijde gebruikte je ook kleine wilde kastanjers of Amerikaanse eikels. Op Lombok zelf gebruikten we de katapult zo weinig mogelijk, om verlinkerij en ongelukken te voorkomen. Nu nog durf ik met mijn hand op het hart te zweren, dat wij in de wijk nog nooit het glas van een lantaarnpaal of een ruit van een bewoond woonhuis expres hebben vernield; dat gebeurde altijd per ongeluk.

Rijn met rijnaakWat er buiten Lombok gebeurde kan in me niet zo goed meer herinneren. Mogelijk dat we dan wat zuiverder konden richten. De mooiste plek om te schieten was natuurlijk de Haspel. Daar waren we altijd en daar waren ook de beste plekken om je kunde op peil te houden; stenen waren er in overvloed.
Bij het schieten over de Rijn moest je wel opletten op de voorbij varende boten, ofschoon als een vaartuig werd geraakt gaf het afketsen van de stenen tegen de stalen romp een fraai geluid, als een pistoolschot. Gelukkig voer de stuurman op het water en liepen wij letterlijk en figuurlijk op het jaagpad.
Niet geheel ongevaarlijk was het schieten op andere bewegende doelen, maar de afspraak was om nooit hoger dan kruishoogte te vuren en dan ook nog met een slap elastiek. Bij het gebruik van kastanjes en eikels was het risico aanmerkelijk minder, maar de pijn niet.
Heel soms werd er geschoten op (lastige) overvliegende meeuwen en (lawaai makende) kraaien, of soms ook een enkele keer op een hond. Maar dat was toch wel zielig vooral als je zelf zo'n lief beest had. Katten vormden op alles een uitzondering, het effect bij een treffer was ook heel bijzonder.

Anekdote 1
PostduifMijn kameraad Theo woonde in de Alexanderstraat, hij had een mooie lange tuin, die aan het einde grensde aan een muur die liep langs een pad en de tuinen van de Utrechtseweg. Een redelijke afstand en in ieder geval voldoende om te oefenen. Voor de muur hadden we op verschillende afstanden dan lege flesjes geplaatst (die werden later, in verband met de vele scherven, vervangen door lege groenteblikken). In de tuin stond aan de zijkant een groot duivenhok.
Evenals zijn vader was Theo een duivenliefhebber. Uiteraard konden we alleen van dit schietterrein gebruik maken als de familie even weg was. En dit was dan ook op een zekere middag. Na een poosje ingeschoten te hebben was je scherp genoeg om de flessen of blikken te raken. Toen we uitgeschoten waren en de tuin wilden verlaten, zag Theo een grote duif op het platje zitten. Hij meende dat het een vreemde duif was, dat wil zeggen niet van hun en hij pakte een steen, richtte nonchalant om het beest weg te jagen, spande het elastiek en liet het leertje met de steen los. De afstand tot de duif was van zodanig dat het dier een geschatte overlevingskans had van 50% en met de opmerking "Ik zal rakelings over zijn kop schieten dan vliegt hij van zelf weg", zoefde het projectiel richting platje. Een korte schreeuw, wat dwarrelende veren en de duif was weg, althans dat leek zo. Echter op de plek des onheils lag het arme beest, of sterven na dood en het bleek geen "vreemdeling" te zijn, maar een van hun betere vliegers. De enige oplossing was het arme dier te begraven en thuis niets te vertellen, zich niet realiserend dat het dier al snel gemist zou worden. De verdere afloop laat zich eenvoudig raden: zeker een week lang moest ik mijn vriend missen en sindsdien keek zijn vader mij ook niet al te vriendelijk meer aan. Onze schietoefeningen besloten we voorlopig maar op te schorten en eerst een nieuwe katapult te maken.

Mariëndaal - ArnhemHet tweede oefenterrein was natuurlijk het onvolprezen Mariëndaal met de oneindige doelen en het geringe risico van 'ongelukjes'. Alhoewel als je op de Rotsblokken was en je gebruikte doelwitten langs de spoorlijn, dan moest je verrekte goed uitkijken op naderende treinen of wegwerkers van het spoor. Gelukkig kende je het spoorboekje aardig uit het hoofd en kon je nog altijd terugtrekken op de peilers van de spoorbrug, waar je nauwelijk ontdekt kon worden.
Aan de bomen werden doelwitten geprikt, in de vorm van een stuk schors, bordkarton of een lege doos of blik. Een van de mooiste doelwitten vormde de hoogspanningsmast vlak bij de kapel en daarbij had je het voordeel dat je vaak het projectiel vlak bij je terug vond, of voelde terugkomen.
Op een van de weilanden kon je bijna altijd wel een of meer hazen of konijnen aantreffen. En we wisten zeker dat de boer ons dankbaar zou zijn als we deze (arme) beesten een beetje verdreven. Een enkele keer trof zo'n arm dier hetzelfde lot als onze duif, maar er volgde gelukkig dan geen straf op.

Vaak nam ik bij dergelijke tochten, mijn hond Pitty mee, die vol ongeduld klaar zat om op mijn commando naar het slachtoffer te gaan kijken. Niet dat je veel aan hem had, hij vond het beest snel genoeg, maar eenmaal in haar bek wenste zij het ook niet meer los te laten. Ook niet onderweg naar huis en ook niet als we langs de slagerij liepen en het beest wilden omruilen tegen een schouderbot voor de hond. Nee, hij was dan ook geen jachthond, maar een gewoon vuilnisbakkenras en daar gedroeg zij zich dan ook naar.

Anekdote 2
Verliefd stelletjeTijdens een van onze struikrovertochten zagen wij aan de rand van het bos bij het grote weiland een verliefd stelletje tussen de struiken liggen. Aha, dat waren nog eens hazen! Op veilige afstand gingen we schuin tegenover de bosrand liggen, vulden onze katapulten en schoten hoog in het hoge struikgewas. Een tweede salvo was nodig om de jongeman overeind te krijgen en we hoorde het meisje angstig praten. Even wachten en... opnieuw vlogen de stenen over hun hoofden. Ze hielden het voor gezien, schikten vluchtig hun kledij en snelden het bos uit. We moesten lachen om de haast waarmee zij vertrokken, ons natuurlijk niet realiserend dat we een stukje geluk verbroken hadden. Maar ja, we moesten zelf nog pubereren en wisten dus niet zoveel.

Onderweg naar huis verschoten we onze laatste stenen waarbij vooral het enige verkeersbord dat ons in de weg / op onze weg stond het moest ontgelden. Nee, ook hier lieten we de straatverlichting met rust. Dan nog even onze kleren schoonkloppen en het schiettuig veilig in de band van de broek stoppen.

Anekdote 3
Op een woensdagmiddag stond ik met mijn broer Peter geleund tegen de etalage van de groentenboer en we waren ons van het naderend gevaar niet bewust. Langzaam fietste een jut (niet onze wijkagent) door de Alexanderstraat en stopte vlak bij ons. Ik voelde in de broekband naar mijn katapult - gelukkig zat hij daar nog veilig - echter een ander nieuw exemplaar stak nog in mijn broekzak, oh oh. De jut liep op ons af met de woorden "Aha, nu heb ik julllie!!!!!" De schrik sloeg ons om het hart en we begonnen lichtelijk te bibberen. Ontsnappen was niet meer mogelijk en daarbij kwam nog, dat wij als straatboefjes volgens mijn vader altijd 'lange vingers' en politieagenten 'lange armen' hadden. Deze laatste opmerking schoot mij te binnen toen de jut ons wilde pakken. Nee, we waren er gloeiend bij, maar waarbij dan?
PolitiebureauEr waren op de Bovenbeek (politiebureau) klachten binnen gekomen over kapotgeschoten ruiten, lampen en andere dingen. En wij werden door hem herkend. Hup hard lopen, op weg naar de lik en de jut op de fiets ernaast. Ik had nog steeds niets gemerkt van een 'lange arm', maar dat kon nog komen.
Buiten adem bereikten wij het bureau op de Bovenbeek en met een duw in de rug werden we naar de zij-ingang gedreven: naar het wachthok van de brigadier. We moesten onze zakken leeg halen en daar kwam mijn nieuwe katapult tevoorschijn. Mijn broer had er geen.
Ondanks dat we volhielden onschuldig te zijn, werden we behoorlijk bang gemaakt. Ze zouden ons wel eens leren om andermans spullen kapot te maken en ook nog te liegen. Naar de kelder met zulke straatjongens, bij de ratten en dronkaards, in het pikkedonker en natuurlijk zonder water en brood.
Toen we deze preek kregen, begon mijn broer tot overmaat van ramp van de zenuwen hard te lachen. De brigadier, die later een aardig vent bleek te zijn, duwde ons de trap af en we moesten maar op de bank in het gangetjes wachten totdat we opgehaald werden. De angst zat er goed in.
Na een klein uurtje bracht een van de agenten een glaasje aanmaaklimonade met een paar dropjes en er ontstond zowaar een vriendschappelijk band. Hij had wel in de gaten dat wij niet de 'echte' schuldigen waren.
Aan het einde van de middag werden we door onze vader opgehaald en om ons nog eens duidelijk te maken wat we wel waren, kregen we beiden van hem een flinke draai om de oren en opnieuw moesten we letterlijk benen maken om thuis te komen. Direct naar bed, want het was een schande dat wij op het politiebureau terecht waren gekomen. Later onder de wol dacht ik nog na over deze toch wel bijzondere dag en toen wist ik ook wat 'de lange arm' van de politie was: dat waren de buurtjes, de overburen, de mensen uit de straat, de mensen uit de buurt en toevallige voorbijgangers, die ons jonge jongens het spel niet gunden en de politie inschakelden.
Alsof zij nooit jong waren geweest...

 
 

Lombokse Plaatjes

Bestrijd spam klik hier

Deze website heeft cookies nodig om goed te kunnen functioneren en om je bezoek zo aangenaam mogelijk te maken. Om je te kunnen aanmelden zijn een tweetal cookies nu al geplaatst; deze bevatten geen persoonlijke informatie. Als je doorgaat met je bezoek aan deze site, kunnen er andere cookies geplaatst worden. Om cookies te verwijderen en uit te schakelen, zie de handleiding van je browser. Voor meer informatie over de cookies die we gebruiken en over hoe wij met persoonsgegevens omgaan, lees onze Privacyverklaring.

Verwijder deze mededeling door cookies van deze site te accepteren.